Als U een mooi
uitzicht wil hebben over het oude centrum van Rome, dan moet U maar
eens een wandeling maken over de Gianicolo.
Behalve een fraai panorama heeft deze heuvel, gelegen tussen het
Vaticaan en Trastevere, bovendien nog enkele bezienswaardigheden te
bieden.
De Passeggiata del Gianicolo is te bereiken door een steil weggetje dat
omhoogloopt vanaf de Santa Maria in Trastevere. In
één
van de haarspeldbochten ligt de kerk San Pietro in Montorio, dat met
name bekend is vanwege het Tempietto van Bramante op de binnenplaats.
Dit schitterende kleine tempeltje is één van de
eerste
gebouwen die gemaakt zijn volgens de renaissance-architectuur, en heeft
gediend als voorbeeld voor de bouw van de koepel van de Sint-Pieter.
Vanaf de San Pietro in Montorio komt men binnen een paar honderd meter
op de Piazzale del Giancolo, vanwaar men een mooi uitzicht heeft over
de stad. Met name de koepels in het oude centrum, van het Pantheon, de Sant'Andrea della Valle
en de
Gesù,
zijn hiervandaan te bewonderen.
De Piazzale del Gianicolo is gewijd aan
Giuseppe Garibaldi, de man die met zijn leger door Italië trok
en
de Italiaanse eenwording bewerkstelligde. Ook de trouwste volgers van
Garibaldi zijn in steen vereeuwigd. Curieus is het beeld van
Garibaldi's vrouw Anita die, gezeten op een paard, kans ziet met haar
ene hand haar kind vast te houden en met de andere hand een schot te
lossen. Een pittige tante dus!
Op een klein pleintje even verderop staat il Faro del Gianicolo (de
vuurtoren van de Gianicolo). Nu ligt Rome niet aan zee, dus is de
aanwezigheid van een grote vuurturen op zijn minst verrassend te
noemen. Hij heeft dan ook slechts een decoratieve functie; hij is ooit
aan de stad Rome geschonken door de Italiaanse gemeenschap in
Argentinië. Het Italiaanse nationale gevoel blijkt uit de drie
kleuren die de vuurtoren heeft: groen, wit en rood. Wie 's avonds naar
de vuurtoren kijkt (hij is vanwege zijn hoge ligging vanaf vele plekken
in de stad zichtbaar), kan dat met eigen ogen controleren.
Het kan zijn dat de argeloze toerist, die rond het middaguur onbekommerd door de straten van Rome loopt, wordt opgeschrikt door een plotseling kanonschot. Dit schot is gelukkig slechts een losse flodder, die elke dag stipt om 12:00 uur vanaf de Gianicolo wordt afgevuurd. Tot diep in de twintigste eeuw werd het saluutschot door de Romeinen gebruikt om de klokken gelijk te zetten - net zoals dat daarvoor gebeurde met behulp van de zonneklok in de Santa Maria degli Angeli e dei Martiri.