In
Rome zijn zo ongeveer alle belangrijke bouwstijlen uit de afgelopen
twintig eeuwen vertegenwoordigd. Door de grote hoeveelheid aan oude
gebouwen wordt soms nog wel eens vergeten dat Rome nog steeds een
levendige stad is waar nog regelmatig wat nieuws gebouwd wordt. Een
voorbeeld hiervan is de kerk de Dives
In Misericordia, en ook het Auditorium van het Parco della
Musica valt in deze categorie.
De Italiaanse architect Renzo Piano, eerder onder andere
verantwoordelijk voor het Stedelijk Museum in Groningen en het Centre
Pompidou in Parijs, heeft het ontwerp geleverd voor een nieuw
muziekcentrum in de hoofdstad van zijn vaderland. Het complex, geopend
in 2003, bestaat uit drie gebouwen die er van een afstandje een beetje
uitzien als wormen. De bouwwerken zijn te vinden vlakbij het Stadio
Flaminio in het noorden van Rome.
Buiten
de architectuur, is het Parco della Musica natuurlijk vooral
interessant vanwege de concerten die er plaatsvinden. Een overzicht
hiervan staat op de site www.auditorium.com; hierop kunnen
ook kaartjes gereserveerd worden.
De hoofdzaal van het Auditorium, waar de meeste klassieke concerten
worden gegeven, is genoemd naar Santa Cecilia. Dat is niet bepaald
uniek: niet alleen in Italië, maar ook in Nederland zijn er
ontelbare koren en muziekverenigingen naar Caecilia vernoemd.
Dat zij overal wordt gezien als beschermvrouwe van de muziek is
enigszins verrassend te noemen. Sterker nog, het is terug te voeren op
... een fout! Volgens Godfried Bomans (in zijn boek "Wandelingen door
Rome") is die fout gemaakt door een Nederlander in de vroege
Middeleeuwen, maar dat heb ik helaas niet zelf kunnen natrekken.
Wat is er aan de hand? Caecilia leefde in de tweede eeuw, en werd door
keizer Marcus Aurelius ter dood veroordeeld omdat ze christen was. Een
paar honderd jaar werd de martelares heilig verklaard omdat Caecilia
altijd een bijzondere vroomheid aan den dag had gelegd. In de acta (de
officiële begeleidende tekst) wordt een feest wordt beschreven
waar volop muziek gemaakt werd en waar Caecilia bij aanwezig was. Er
staat letterlijk: "Organis cantantibus in corde suo Deo cantabat".
Als we dit correct vertalen staat er: "Terwijl de muziekinstrumenten
speelden, zong Caecilia met heel haar hart tot God."
Hieruit kunnen we twee dingen concluderen: 1) Caecilia was inderdaad
heel vroom want ze concentreerde zich helemaal op God zelfs als er veel
geluid om haar heen gemaakt werd, en 2) Caecilia hield zelf eigenlijk
helemaal niet van muziek - ze zong in ieder geval niet met de muziek
mee!
Tot zover dus de correcte vertaling. Er is echter ooit iemand geweest
die de tekst verkeerd heeft vertaald. Hij dacht namelijk dat er stond:
"Terwijl zij op het orgel speelde, zong Caecilia met heel haar hart tot
God."
Het verschil met de vorige vertaling is helemaal niet zo groot, maar de
betekenis is omgedraaid: van een vroom nonnetje is Caecilia veranderd
in een vrolijke muzikale meid, die je in een band niet alleen op
toetsen maar ook als zangeres kunt gebruiken!
Aangezien deze vertaling zich heeft verspreid over de hele wereld,
wordt Santa Caecilia nu overal gezien als muzikale heilige bij uitstek.
(De gymnasiasten zal het opgevallen zijn dat de fout zit in een
incorrecte vertaling van de ablativus absolutus. Dat is een standaard
fout; de schrijver dezes heeft zich er ook regelmatig aan bezondigd,
moet hij bekennen.)